“Wie dit leest is gek”, het stokoude kindergrapje, lijkt te zijn uitgevonden voor internationaal pensioen. Waarom zou je je interesseren voor dat onderwerp? Er zijn heel wat goede antwoorden op die vraag te geven, maar het simpelste antwoord is “omdat de wereld aan het veranderen is”.
Veranderen doe je niet voor niets. In het geval van de pensioenregelingen is de reden Europese integratie. Al in de dagen van de oprichting van de EEG waren de doelen van de integratie omschreven als vrijheid van verkeer van personen, goederen, kapitaal en diensten. Als je dat wilt, moeten de grenzen voor financiële instellingen verdwijnen. De Europese Unie had lang andere prioriteiten, maar nu hebben we wettelijke kapstokken voor de belangrijkste financiële instellingen: banken, verzekeraars en pensioenfondsen.
De regeling voor de pensioenfondsen is de 'richtlijn instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening', beter bekend onder de afkorting IORP (Institutions for Occupational Retirement Provision). Een pensioenfonds heeft er dagelijks mee te maken, maar merkt er niets van. Dat komt omdat deze regeling helemaal is geïntegreerd in de Nederlandse pensioenwet. Daar hebben we dan meteen een reden te pakken om wel belangstelling te hebben voor internationaal pensioen: wat wij zien als nationale wetgeving, wordt voor een belangrijk deel bepaald in Brussel en niet in Den Haag. Wetten veranderen en als belanghebbende moet je er bij zijn als dat gebeurt. Dat betekent dat je ook en vooral de weg moet weten bij de Europese instellingen.
De IORP-richtlijn geeft plichten, maar vooral veel rechten. Je mag je vestigen in een andere lidstaat. Je mag je producten aanbieden in een andere lidstaat. Als je in een lidstaat als pensioenfonds bent toegelaten kan geen enkele andere lidstaat je nog weigeren. Dat schept kansen. Multinationale bedrijven kunnen hun nationale pensioenadministraties samenbrengen. Pensioenproducten die voorheen in sommige landen niet aangeboden konden worden, kunnen nu vanuit een andere lidstaat op de markt worden gebracht, waardoor de consument meer keus krijgt. Een slecht systeem of een onredelijke nationale toezichthouder kan worden afgestraft met emigratie zonder verlies aan voldoende geachte zekerheid. Immers, de IORP-richtlijn is in alle lidstaten (en zelfs een paar landen buiten de EU) geldig. Ook dat is dus een reden om te weten wat er internationaal gebeurt.
In de praktijk komt het nog zelden voor dat een pensioenfonds de grens over gaat. Daar zijn wel oorzaken voor te bedenken. Het is allemaal nog heel ingewikkeld en nationale overheden en toezichthouders hebben nog steeds de neiging erg nationalistisch te denken. Het zal nog wel even duren voordat de drempels uit de weg geruimd zijn, maar dat neemt niet weg dat, hoe ingewikkeld ook, de mogelijkheden reëel zijn.
Wie pas in een noodsituatie aan een internationale oplossing gaat denken, is dan ook te laat. Het proces moet degelijk worden voorbereid en begeleid en de belanghebbenden mogen nooit uit het oog verloren worden. Dat betekent ook dat als een internationale oplossing in hun belang is, het de plicht van de pensioenfondsbestuurders is die oplossing uit te voeren, zonder nationalistische gevoelens. Alweer een reden om goed geïnformeerd te zijn over internationale pensioenen.
Pensioensystemen
Wie zich voor pensioensystemen gaat interesseren, komt er al snel achter dat ze van land tot land verschillend zijn. Vaak wordt daar nog heel nationalistisch over gedacht: 'ons systeem is het beste ter wereld' is een kreet die in elke lidstaat wordt onderschreven. Vergeet dat dus maar. Het optimale pensioensysteem is nog niet gevonden.
Dat komt omdat de wetgever en de toezichthouder tot nu toe een zwaar stempel drukten op het pensioensysteem. Zij bepaalden wat de rechtsvorm was, dus wie de eigenaren en de bestuurders van het pensioenkapitaal zijn, welke producten de pensioenfondsen wel en niet mochten aanbieden, wat de solvabiliteitsnorm voor pensioenfondsen was, hoe vaak en aan wie ze moesten rapporteren. Indirect bepaalden de regelaars ook hoe het risico werd verdeeld over de spelers en hoe de investeringsportefeuille werd opgesteld en beoordeeld.
Als er een geïntegreerde markt is voor pensioenen kunnen die nationale systemen vergeleken worden. Dan gaat de beste winnen. Dat is niet in het belang van die nationale instellingen, maar het is wel in het belang van de belanghebbenden. Integratie is op die manier iets wat pensioensystemen naar elkaar toe zou moeten drijven. Zo ver is het nog niet. Dat betekent dat het de moeite loont om iets te weten over die verschillende pensioensystemen, niet alleen in de Europese Unie, maar ook in andere belangrijke pensioenlanden.
Begrip voor de anderen
Op die manier kunnen we iets leren over hoe het ook anders kan. We hebben dan meer oog voor opties, in plaats van tradities. We begrijpen ook de buitenlanders beter als ze het over pensioen hebben en ze andere begrippen hanteren of zelfs helemaal anders denken. Dat is het doel van deze artikelenserie. We gaan per keer een ander land bezoeken. Niet met de bedoeling het te beoordelen, maar om problemen en oplossingen beter te begrijpen. Niet alleen uit commerciële overwegingen, als die er al zijn, maar vooral ook om de situatie thuis beter te kunnen beoordelen. Volgende keer beginnen we met een systeem dat veel met Nederland gemeen heeft en toch totaal anders uitpakt: Denemarken. Daarna gaan we een aantal andere landen bezoeken die ofwel in de belangstelling staan ofwel interessant zijn voor wie het Nederlandse systeem eens wil afzetten tegen iets anders.
We hebben al wat houvast, omdat in vrijwel alle oude landen van de EU een systeem van drie pijlers wordt gehanteerd, net als in Nederland. Ook de systemen in de nieuwe lidstaten vallen in dit kader te passen, ook al worden de begrippen daardoor wat vager. Alle pensioensystemen hebben ook een gemeenschappelijke doel: een goed pensioen tegen een redelijke prijs. Dat valt te meten met twee kengetallen. De eerste is de participatiegraad: het percentage van de bevolking dat een pensioen opbouwt. De tweede is de vervangingsratio: het percentage van het salaris dat wordt vervangen door pensioen bij pensionering.
We moeten noodgedwongen toch een beetje aan de oppervlakte blijven. Voor wie meer wil weten is er echter een goede oplossing. In Brussel worden periodiek internationale cursussen voor de pensioensector georganiseerd. In die cursussen leert u de weg kennen in Brussel. U gaat zelf spelen met de mogelijkheden voor internationale samenwerking op pensioengebied en u hoort over interessante voorbeelden van samenwerking uit de praktijk.
A-ERE is een Europees instituut voor pensioenopleiding. A-ERE is het resultaat van samenwerking tussen opleiders van pensioeninstelling uit diverse EU-landen. Vertegenwoordigers van de Europese Commissie, het Europese Parlement, EFRP en AEIP ondersteunen A-ERE en leveren een bijdrage aan de opleidingen.