Van onze redacteur, Amsterdam
De gestegen levensverwachting drukt meer pensioenfondsen in het rood. Nadat ambtenarenfonds ABP in januari hiervoor een voorziening had geboekt en zo weer onder de minimumeisen was beland, overkomt dit nu ook het pensioenfonds voor de detailhandel.
De detailhandel moet van de vermeende dekkingsgraad van 108% eind december 7%-punt afboeken door hogere prognoses voor de levensverwachting, zo staat op de website. De dekkingsgraad - de verhouding tussen de beleggingen en pensioenverplichtingen - zakt hierdoor naar 101%, onder de 105% die de toezichthouder als minimum heeft.
Vorig jaar heeft het Centraal Planbureau zijn prognoses voor de levensverwachting fors opgehoogd. Actuarissen verwachtten destijds dat de pensioenverplichtingen hierdoor met gemiddeld 3% zouden toenemen, wat op een totale verplichting voor alle fondsen van euro 18 mrd zou neerkomen.
Nog negatiever
De uitkomsten worden naar verwachting veel negatiever. Naast de 7%-punt van het fonds voor de detailhandel moet ABP, dat met euro 208 mrd een derde van het Nederlandse pensioenvermogen beheert, 5,8% of euro 11 mrd afboeken. De dekkingsgraad zakte hierdoor eind december naar 104%. Eind januari is de dekking door koersdalingen verder gezakt naar 101%.
Het pensioenfonds voor de bouw, (euro 26 mrd), publiceerde maandag een correctie van de dekkingsgraad van 4,4%-punt naar 109%.
Zorg en welzijn
Pensioenfonds Zorg en Welzijn, met euro 86 mrd het tweede fonds in grootte na ABP, meldde recent dat de voorziening voor langer leven 2%-punt van de dekkingsgraad kost. Het merkt daarbij op dat dit een voorlopige schatting is.
Datzelfde geldt voor metaalfonds PME. Dit had eind december een dekking van 101%, na een correctie van 2%-punt. Ook hier gaat het om een schatting.
Copyright (c) 2010 Het Financieele Dagblad