Bendert Zevenbergen, Amsterdam
Het jaar 2010 lijkt zich voorlopig te kenmerken door een schifting op de financiële markten. De opgaande lijn van vorig jaar is doorbroken, voor risico moet weer worden betaald. Zwakke Europese staten onderscheiden zich van sterke, en gevoelige beursfondsen van stabiele.
Vrijdag kregen de internationale beurzen voor een tweede achtereenvolgende dag te maken met stevige verliezen. De grootste vijftig Europese beursfondsen raakten 2,8% kwijt, na donderdag al 3,5% te hebben ingeleverd. Na een stijging van 65% sinds het dieptepunt van maart 2009 staan de Europese aandelen dit jaar alweer op een verlies van 11,24%.
Een nauwkeuriger blik leert dat het banken zijn die in de verkoop staan. Binnen de Stoxx-index van de 600 grootste Europese beursfondsen staan banken sinds de start van 2010 op een laatste plaats. Ook constructiebedrijven, ondernemingen die het moeten hebben van grondstoffen en de auto-industrie liggen onder vuur.
Kleinere verliezen of zelfs plussen zijn er dit jaar geboekt bij de van oudsher stabiele sectoren als detailhandel, gezondheidszorg en voeding. Opvallend is wel dat de technologiesector ook in trek is.
Dat de banken ervan langs krijgen is gemakkelijk te verklaren. De plannen van de Amerikaanse president Barack Obama om zakenbanken van spaarbanken te scheiden, hangen als een zwaard van Damocles boven de markt. Niet alleen Amerikaanse banken kunnen hierdoor worden getroffen, maar gezien de politieke steun ook Europese banken.
Meer directe pijn geven de problemen waarin de 'olijflanden' zich nu bevinden, Griekenland, Portugal en Spanje. Op de obligatiemarkt is serieuze twijfel gerezen over de financierbaarheid van de overheden uit die landen. De prijzen van de obligaties die deze staten hebben uitgegeven, dalen sterk, met als gevolg dat het geëiste of effectieve rendement op de leningen stijgt.
In de markt doen wilde speculaties de ronde over de posities die verschillende banken hebben in papier uit de genoemde landen. Het blijft daarbij vooral bij gissingen, want banken laten doorgaans weinig los over de precieze belangen die ze hebben.
Zeker is wel dat banken grote kopers zijn van staatspapier, net als van schuldpapier met onderpand of door overheden gegarandeerde leningen, zoals die vorig jaar weer door veel banken zelf zijn uitgegeven. Sinds de Europese Centrale Bank de sluizen volledig openzette, is vooral kortlopend staatspapier gewild. De overliquiditeit moet ergens naartoe en kortlopend, goed verhandelbaar en veilig staatspapier is dan ideaal.
Waar de olijflanden uit de gratie zijn, profiteren landen die nog steeds als extreem veilig worden gezien. Bovenal is dit Duitsland, maar ook Frankrijk en Nederland doen goede zaken. Directeur Erik Wilders van het Agentschap van Financiën kan met gemak geldmarktpapier uitgeven tegen een rente van onder 1%. Tienjaarsleningen zijn met 3,48% rente ook niet bepaald prijzig.
Ondanks het stevige herstel van vorig jaar, blijft volgens analisten de angst in de markt dat er grote beleggers zijn die, net als in het oog van de storm van het najaar van 2008, tot gedwongen verkopen van effecten moeten overgaan. De verkopers van het eerste uur waren vooral de banken zelf, hun onzichtbare vehikels en hedgefondsen. Al deze partijen moeten door de liquiditeitsuitval snel hun hefboomfinanciering afbouwen en konden dat niet anders doen dan door hun balansbezittingen snel buiten de deur te zetten.
De druk zou nu van pensioenfondsen kunnen komen. Al eerder bouwden ze een deel van hun risico's af, door met name hun belangen in aandelen en bedrijfsobligaties terug te brengen. Hun nog steeds zwakke positie en de giftige cocktail van zwakke beurskoersen en een dalende (swap)rente kunnen tot herhaling leiden.
Als voorbeeld kan ambtenarenfonds ABP dienen, dat vanwege zijn omvang van ruim euro 200 mrd vanzelf de trend maakt. In 2009 boekte het met 20,2% zijn beste jaarresultaat ooit, maar het fonds kwam van ver, heeft een kostbare boeking moeten doen vanwege de oplopende levensverwachting en staat zo nog steeds onder de minimale dekkingsgraad van 105%.
ABP is er het fonds niet naar om in hoog tempo van strategie te veranderen, maar de daling van de rente doet pijn en geeft voorzichtigheid. Mochten pensioenfondsen als ABP al van plan zijn om na het topjaar 2009 meer risico te nemen, dan is dit niet het moment.
Kortom, bij de afwezigheid van partijen die corrigerend kunnen optreden, moeten de uitgevers van risicovol papier voorlopig weer wat dieper in de buidel tasten.
Actuele beursverslagen op
www.fd.nl/beurzen